ECLI:NL:RVS:2015:1649
Raad van State
- Hoger beroep
- H.G. Lubberdink
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep niet-ontvankelijk wegens gebrek aan belang bij Dublinoverdracht
De vreemdelingen, vertegenwoordigd door Stichting Nidos, hadden bij besluiten van 5 juni 2014 een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd aangevraagd, welke door de staatssecretaris werden afgewezen. De rechtbank Den Haag verklaarde hun beroepen ongegrond op 11 juli 2014. Tegen deze uitspraak stelden zij hoger beroep in bij de Raad van State.
Het hoger beroep richtte zich op het voorkomen van overdracht aan Italië op grond van de Dublinverordening. De staatssecretaris stelde dat de vreemdelingen geen belang meer hadden bij het hoger beroep omdat vreemdeling 1 inmiddels een machtiging tot voorlopig verblijf had gekregen en de procedure tot overdracht voor haar was ingetrokken, terwijl vreemdeling 2 met onbekende bestemming was vertrokken en in Duitsland een asielaanvraag had ingediend.
De Raad van State concludeerde dat onder deze omstandigheden het hoger beroep kennelijk niet-ontvankelijk was wegens gebrek aan belang. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd. Het vonnis werd uitgesproken door de enkelvoudige kamer op 19 mei 2015.
Uitkomst: Het hoger beroep van de vreemdelingen wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens gebrek aan belang.