ECLI:NL:RVS:2015:1566
Raad van State
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Gedeeltelijke opheffing voorlopige voorziening voor aanleg dijken in plan IJsseldelta-Zuid
De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State heeft bij tussenuitspraak van 11 februari 2015 gebreken vastgesteld in het bestemmingsplan IJsseldelta-Zuid en vergunningen op grond van de Natuurbeschermingswet 1998, en het plan geschorst voor het plandeel met bestemming 'Water' en aanduiding 'vaarweg'. Verzoekers, waaronder de minister van Infrastructuur en Milieu en de gemeente Kampen, verzochten om gedeeltelijke opheffing van deze voorlopige voorziening om de aanleg van dijken mogelijk te maken.
De voorzieningenrechter overwoog dat het verzoek betrekking heeft op een klein deel van het geschorste gebied, met name de opening tussen de IJssel en de noordelijke plas voor zandtransport. De Vereniging voor Natuurstudie en bescherming IJsseldelta voerde bezwaren aan over mogelijke verstoring van beschermde vogelsoorten en de rechtmatigheid van de ADC-toets, maar deze nieuwe beroepsgronden konden niet inhoudelijk worden besproken.
De voorzieningenrechter vond dat het risico dat de dijken onnodig worden aangelegd, niet opweegt tegen de belangen van verzoekers bij voortzetting van de werkzaamheden. De voorlopige voorziening was immers gericht op bescherming van het Natura 2000-gebied Veluwerandmeren, terwijl de gevraagde gedeeltelijke opheffing geen onomkeerbare gevolgen voor dat gebied heeft. Daarom werd het verzoek toegewezen en de voorlopige voorziening gedeeltelijk opgeheven.
Uitkomst: De voorlopige voorziening wordt gedeeltelijk opgeheven voor het plandeel 'Water' met aanduiding 'vaarweg', zodat de aanleg van dijken kan starten.