ECLI:NL:RVS:2015:1556
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering kwijtschelding borgschuld door Waarborgfonds Eigen Woningen
Appellant had een hypothecaire geldlening afgesloten voor woning I met Nationale Hypotheek Garantie via het Waarborgfonds. Na verkoop van woning I bleef een schuld van €43.662,25 over, waarvan het Waarborgfonds €34.708,37 aan de geldverstrekker betaalde. Het Waarborgfonds weigerde deze schuld kwijt te schelden, stellende dat appellant niet volledig had meegewerkt om de lening terug te betalen, mede door het aangaan van een tweede hypotheek op woning II en het niet verkopen daarvan.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellant ongegrond en de Raad van State bevestigt deze uitspraak. De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelt dat appellant door het aangaan van dubbele hypotheeklasten zijn betalingsruimte had beperkt en onvoldoende inspanningen had geleverd om het verlies te beperken. Het verlies van inkomen van appellant B was voorspelbaar gezien haar nul-urencontract.
De Raad van State volgt het oordeel van de rechtbank dat het Waarborgfonds terecht heeft geweigerd de schuld kwijt te schelden en dat appellant niet aan de kwijtscheldingsregeling heeft voldaan. Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bekrachtigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de weigering tot kwijtschelding van de borgschuld wordt bevestigd.