ECLI:NL:RVS:2015:1485
Raad van State
- Hoger beroep
- H.G. Lubberdink
- A.W.M. Bijloos
- R. van der Spoel
- Rechtspraak.nl
Vernietiging uitspraak rechtbank wegens onvoldoende motivering vrijheidsontnemende maatregel na asielafwijzing
De vreemdeling kreeg op 10 januari 2015 een vrijheidsontnemende maatregel opgelegd die werd voortgezet na de afwijzing van haar asielaanvraag op 23 januari 2015. De rechtbank verklaarde het beroep van de vreemdeling ongegrond, maar de vreemdeling stelde hoger beroep in bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
De Afdeling oordeelde dat op grond van de Terugkeerrichtlijn en het arrest Mahdi een schriftelijke motivering vereist is waarin de feitelijke en juridische gronden voor de vrijheidsontnemende maatregel worden vermeld, met name of er een redelijk vooruitzicht op verwijdering bestaat. Deze motiveringsplicht geldt ook voor vrijheidsontnemende maatregelen krachtens artikel 6 van Pro de Vreemdelingenwet 2000.
In het besluit van 10 januari 2015 en de daaropvolgende besluiten tot voortzetting van de maatregel ontbrak deze motivering. Hierdoor was de voortzetting van de vrijheidsontnemende maatregel na 23 januari 2015 onrechtmatig. De Afdeling vernietigde daarom de uitspraak van de rechtbank en verklaarde het beroep van de vreemdeling gegrond. Tevens werd een schadevergoeding toegekend en de proceskosten aan de staatssecretaris opgelegd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt gegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank vernietigd wegens onvoldoende motivering van de vrijheidsontnemende maatregel na afwijzing asielaanvraag.