ECLI:NL:RVS:2015:1481
Raad van State
- Voorlopige voorziening+bodemzaak
- P.B.M.J. van der Beek-Gillessen
- Rechtspraak.nl
Bevestiging niet-ontvankelijkheid bezwaar tegen omgevingsvergunning voor reconstructie stadsput en huisje in 's-Hertogenbosch
Het college van burgemeester en wethouders van 's-Hertogenbosch verleende op 8 april 2014 een omgevingsvergunning voor het plaatsen en reconstrueren van de Stadsput en het Onze Lieve Vrouwe-huisje op de Markt te 's-Hertogenbosch. Appellant maakte bezwaar tegen deze vergunning, dat door het college niet-ontvankelijk werd verklaard. De rechtbank verklaarde het beroep van appellant ongegrond en bevestigde de niet-ontvankelijkheid.
Appellant stelde dat hij als bewoner van de binnenstad en tekenaar een persoonlijk en rechtstreeks belang had bij het besluit, omdat het bouwplan afbreuk zou doen aan het stadsbeeld en het imago van de stad zou schaden. De Raad van State oordeelde dat appellant geen zicht heeft op het bouwplan en dat de afstand tot de Markt te groot is om een persoonlijk belang aan te nemen. Ook het belang bij het wijzigen van een gemeentelijk monument werd als algemeen belang beoordeeld.
De Raad van State bevestigde daarmee dat appellant geen belanghebbende is in de zin van de Algemene wet bestuursrecht, waardoor zijn bezwaar terecht niet-ontvankelijk werd verklaard. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en het verzoek om een voorlopige voorziening werd afgewezen.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en het verzoek om voorlopige voorziening wordt afgewezen.