ECLI:NL:RVS:2015:1394
Raad van State
- Hoger beroep
- P.B.M.J. van der Beek-Gillessen
- Rechtspraak.nl
Bevestiging oplegging Educatieve Maatregel Alcohol en Verkeer door CBR
Het CBR legde appellant op 15 oktober 2013 een Educatieve Maatregel Alcohol en Verkeer (EMA) op vanwege twee vastgestelde overtredingen van de Wegenverkeerswet 1994 met een ademalcoholgehalte boven 220 µg/l binnen vijf jaar. Appellant voerde aan dat hij de motor alleen startte om de auto te verwarmen en niet om te rijden.
De rechtbank oordeelde dat appellant als bestuurder moest worden aangemerkt omdat hij voornemens was het voertuig te besturen, wat zich door een begin van uitvoering had geopenbaard, en dat hij door het arriveren van de verbalisant werd weerhouden te rijden. Dit oordeel werd niet bestreden.
De Afdeling bestuursrechtspraak bevestigde het vonnis van de rechtbank en oordeelde dat het CBR terecht de EMA oplegde. De stelling van appellant dat hij alleen de verwarming wilde aanzetten werd niet aannemelijk geacht. Er was geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: De Afdeling bestuursrechtspraak bevestigt dat appellant terecht als bestuurder werd aangemerkt en de EMA door het CBR terecht is opgelegd.