ECLI:NL:RVS:2015:1335
Raad van State
- Hoger beroep
- H.G. Sevenster
- E. Steendijk
- J.J. van Eck
- Rechtspraak.nl
Vaststelling en matiging boete wegens overtreding Wet arbeid vreemdelingen
De minister legde appellant een boete van €33.500 op wegens overtredingen van artikel 2 en Pro 15 van de Wet arbeid vreemdelingen (Wav). De rechtbank verklaarde het beroep van appellant ongegrond, waarna appellant hoger beroep instelde bij de Raad van State.
De Raad van State onderzocht onder meer of appellant terecht was beboet voor het inzetten van vreemdelingen zonder tewerkstellingsvergunning en het niet tijdig verstrekken van identiteitsdocumenten aan opdrachtgevers. De Raad oordeelde dat de minister onvoldoende bewijs had geleverd voor enkele overtredingen, met name ten aanzien van het tijdig verstrekken van identiteitsdocumenten aan een opdrachtgever.
Verder stelde appellant dat de boete onevenredig hoog was gezien zijn financiële situatie, maar dit werd niet aannemelijk gemaakt. De Raad vernietigde het eerdere vonnis en het besluit van de minister, matigde de boete naar €30.500 en veroordeelde de minister tot vergoeding van proceskosten en griffierecht.
Uitkomst: De boete wordt vastgesteld op €30.500,00 met gedeeltelijke matiging wegens onvoldoende bewijs.