ECLI:NL:RVS:2015:1247
Raad van State
- Hoger beroep
- J.C. Kranenburg
- J.J. van Eck
- J.W. van de Gronden
- Rechtspraak.nl
Bevestiging intrekking horecavergunning wegens gevaar voor openbare orde en leefklimaat
De burgemeester heeft op 1 februari 2013 de horecavergunning van appellant ingetrokken wegens overtredingen van de Algemene plaatselijke verordening (Apv) en het gevaar dat zijn levensgedrag en bedrijfsvoering vormden voor de openbare orde en het woon- en leefklimaat. Appellant maakte bezwaar en stelde beroep in tegen deze besluiten, maar zowel de rechtbank Amsterdam als de Raad van State verklaarden deze ongegrond.
Appellant voerde aan dat de burgemeester ten onrechte zijn vermeende betrokkenheid bij illegale hennepkweek en een verwijderingsbevel had betrokken bij het oordeel over zijn levensgedrag, terwijl hij daarvoor niet strafrechtelijk was vervolgd. De Raad van State oordeelde dat de onschuldpresumptie niet van toepassing is in deze bestuursrechtelijke procedure en dat de burgemeester ook feiten van voor de vergunningverlening mag betrekken.
Verder ontkende appellant de overtredingen van de Apv met betrekking tot openingstijden en aanwezigheid van een leidinggevende. De Raad van State stelde vast dat de politie- en bestuursrapporten betrouwbaar waren en dat appellant onvoldoende aannemelijk had gemaakt dat deze onjuist waren. De burgemeester mocht daarom in redelijkheid oordelen dat het levensgedrag en de wijze van bedrijfsvoering van appellant een gevaar vormden voor de openbare orde en het woon- en leefklimaat.
De Raad van State bevestigde de uitspraak van de rechtbank en verklaarde het hoger beroep ongegrond. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: De intrekking van de horecavergunning wordt bevestigd wegens overtredingen en gevaar voor openbare orde en leefklimaat.