ECLI:NL:RVS:2015:1169
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing Wob-verzoek inzake bijstandsuitkering ex-echtgenote
Appellant verzocht het college om informatie op grond van de Wet openbaarheid van bestuur (Wob) over de aan zijn ex-echtgenote toegekende bijstandsuitkering. Het college wees dit verzoek af vanwege het zwaarder wegen van het belang van de persoonlijke levenssfeer van de ex-echtgenote. Appellant maakte bezwaar, dat aanvankelijk ongegrond werd verklaard, maar later gedeeltelijk niet-ontvankelijk en gedeeltelijk ongegrond.
De rechtbank verklaarde het beroep tegen het eerste besluit niet-ontvankelijk en het beroep tegen het tweede besluit ongegrond. Appellant stelde dat de rechtbank ten onrechte het tweede besluit als bestreden heeft aangemerkt en dat zijn persoonlijke belang bij de informatieverstrekking onvoldoende is meegewogen.
De Afdeling overwoog dat het tweede besluit een intrekking en hernieuwde beslissing op bezwaar betreft en dus appellabel is. De belangenafweging moet het publieke belang bij transparantie afwegen tegen de bescherming van de persoonlijke levenssfeer. De Afdeling bevestigde dat het persoonlijke belang van appellant niet meetelt in de Wob-context en dat het college terecht het verzoek heeft geweigerd.
Verder werden de overige verzoeken van appellant en zijn verzoek om schadevergoeding afgewezen omdat deze niet voor bezwaar en beroep vatbaar zijn of niet voortvloeien uit de besluitvorming. De Afdeling verklaarde het hoger beroep ongegrond en bevestigde de uitspraak van de rechtbank.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.