ECLI:NL:RVS:2015:1091
Raad van State
- Eerste aanleg - meervoudig
- P.J.J. van Buuren
- W.J. Deetman
- G.T.J.M. Jurgens
- Rechtspraak.nl
Vernietiging bestemmingsplan Bedrijventerrein Oisterwijk wegens ondeugdelijke motivering en strijd met rechtszekerheidsbeginsel
De raad van de gemeente Oisterwijk stelde op 27 juni 2013 het bestemmingsplan 'Bedrijventerrein Oisterwijk' vast. Diverse appellanten, waaronder bewoners en bedrijven, stelden beroep in tegen dit besluit vanwege onder meer de bouw- en gebruiksmogelijkheden, waterafvoer, bedrijfswoningen, detailhandel en bouwhoogte.
De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State oordeelde dat de raad onvoldoende inzichtelijk had gemaakt dat belangen van bewoners bij een aanvaardbaar woon- en leefklimaat waren betrokken, met name bij de strook onbebouwde grond van 1 meter breed en de gronden met bedrijfsbestemming naast woonpercelen. Ook ontbrak een maximale bouwhoogte in de verbeelding, wat strijdig was met de vereiste zorgvuldigheid. Verder was het gebruik als burgerwoning op een perceel onterecht onder overgangsrecht gebracht.
Daarnaast oordeelde de Afdeling dat het plan in strijd was met het rechtszekerheidsbeginsel vanwege onduidelijkheid over parkeerbepalingen en dat de uitbreiding van gebouwen tot 1000 m2 niet correct was geregeld, waardoor een exploitatieplan vereist is. Diverse beroepen werden ongegrond verklaard, maar de raad werd veroordeeld tot vergoeding van proceskosten aan enkele appellanten.
De Afdeling vernietigde het besluit voor de genoemde onderdelen en droeg de raad op binnen een termijn een nieuw besluit te nemen en de uitspraak te verwerken in het elektronisch plan. Tevens werd een voorlopige voorziening getroffen voor een maximale bouwhoogte van 10,5 meter.
Uitkomst: Het bestemmingsplan is voor meerdere onderdelen vernietigd en de raad is opgedragen een nieuw besluit te nemen.