ECLI:NL:RVS:2015:102
Raad van State
- Hoger beroep
- H. Troostwijk
- E. Steendijk
- J.J. van Eck
- Rechtspraak.nl
Bevestiging boetes wegens overtreding Wet arbeid vreemdelingen ondanks beroep op standstill-bepaling
De zaak betreft boetes van respectievelijk €32.000 en €56.000 opgelegd aan een werkgever wegens overtreding van artikel 2, eerste lid, van de Wet arbeid vreemdelingen (Wav 1994). De werkgever stelde zich op het standpunt dat deze boetes in strijd waren met de standstill-bepalingen van het Aanvullend Protocol bij de Associatieovereenkomst tussen de Europese Economische Gemeenschap en Turkije.
De Raad van State overwoog dat de tewerkstelling van de Turkse werknemers plaatsvond in het kader van de vestiging van de werkgever in Nederland, niet als grensoverschrijdende dienstverrichting. De standstill-bepalingen verbieden het invoeren van nieuwe beperkingen, maar het twv-vereiste vormt geen belemmering voor vestiging aangezien het mogelijk is werknemers in dienst te nemen die vrijgesteld zijn van vergunningplicht.
Verder werd geoordeeld dat de vergunningplicht ook vóór de inwerkingtreding van de standstill-bepalingen reeds bestond en gehandhaafd werd, zodat er geen sprake is van een nieuwe beperking. Het beroep op prejudiciële vragen over de standstill-bepalingen werd eveneens verworpen omdat de situatie van de werkgever verschilt van die in de verwijzingsuitspraak.
Het hoger beroep van de werkgever en het incidenteel hoger beroep van de minister werden ongegrond verklaard en de eerdere uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: De Raad van State bevestigt de boetes wegens overtreding van de Wet arbeid vreemdelingen en wijst het hoger beroep af.