ECLI:NL:RVS:2014:897
Raad van State
- Hoger beroep
- H. Troostwijk
- G. van der Wiel
- E. Steendijk
- Rechtspraak.nl
Vernietiging uitspraak rechtbank en ongegrondverklaring beroep in asielzaak wegens ongeloofwaardig asielrelaas
De staatssecretaris van Veiligheid en Justitie wees op 1 maart 2013 de aanvraag van een vreemdeling om een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd af. De vreemdeling stelde beroep in bij de rechtbank Den Haag, die op 4 december 2013 het besluit vernietigde en de staatssecretaris opdroeg een nieuw besluit te nemen. De staatssecretaris ging tegen deze uitspraak in hoger beroep bij de Raad van State.
De Raad van State oordeelde dat de rechtbank ten onrechte had geoordeeld dat de staatssecretaris nader onderzoek had moeten doen naar een medische verklaring die door de vreemdeling was overgelegd ter onderbouwing van haar asielrelaas. De medische verklaring strookte niet met de verklaringen van de vreemdeling over de datum van mishandeling, en de staatssecretaris had de ongeloofwaardigheid van het asielrelaas deugdelijk gemotiveerd.
De Raad van State vernietigde daarom het vonnis van de rechtbank en verklaarde het beroep van de vreemdeling alsnog ongegrond. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd. De uitspraak werd gedaan op 5 maart 2014.
Uitkomst: Het beroep van de vreemdeling wordt ongegrond verklaard en het vonnis van de rechtbank vernietigd.