ECLI:NL:RVS:2014:865
Raad van State
- Hoger beroep
- J.H. van Kreveld
- E.T. de Jong
- Rechtspraak.nl
Bevestiging besluit college Lopik tot afwijzing handhaving tegen inrichting
Bij besluit van 17 juni 2009 wees het college van burgemeester en wethouders van Lopik het verzoek van appellante om handhavend op te treden tegen belanghebbende aan een locatie te Lopik af. Na diverse bezwaar- en beroepsprocedures, waaronder een tussenuitspraak en een uitspraak van de rechtbank die het college opdroeg een nieuw besluit te nemen, handhaafde het college het besluit uiteindelijk bij besluit van 11 oktober 2013. Appellante stelde onder meer dat het college ten onrechte niet handhavend optrad en dat de inrichting een vergunningplichtige type C-inrichting is.
De Afdeling bestuursrechtspraak overwoog dat het besluit van 2 januari 2013 het besluit van 4 mei 2011 verving en dat het beroep tegen het laatste besluit daarom niet-ontvankelijk was. Verder concludeerde de Afdeling dat het Besluit landbouw milieubeheer per 1 januari 2013 was vervallen en dat het Activiteitenbesluit milieubeheer van toepassing is, waarin het begrip agrarisch gemechaniseerd loonbedrijf niet voorkomt. Ook werd geoordeeld dat de gemachtigde van appellante geen beroepsmatig rechtsbijstandverlener is, zodat geen proceskostenvergoeding toekomt.
Ten aanzien van de vergunningplicht oordeelde de Afdeling dat de inrichting niet viel onder de categorieën vergunningplichtige inrichtingen zoals opgenomen in het Besluit omgevingsrecht. Controlebezoeken en onderzoeken toonden geen overtredingen van het Activiteitenbesluit milieubeheer aan. Het beroep van appellante werd daarom ongegrond verklaard en de aangevallen uitspraken werden bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep tegen het besluit van het college van burgemeester en wethouders van Lopik is ongegrond verklaard en het besluit bevestigd.