ECLI:NL:RVS:2014:808
Raad van State
- Hoger beroep
- M.G.J. Parkins-de Vin
- C.J. Borman
- N. Verheij
- Rechtspraak.nl
Vaststelling vestigingsalternatief voor afgewezen asielzoeker uit Zuid-Darfur
De staatssecretaris van Veiligheid en Justitie wees een aanvraag voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd af voor een vreemdeling afkomstig uit Zuid-Darfur. De voorzieningenrechter verklaarde het beroep van de vreemdeling gegrond en vernietigde het besluit, met de opdracht een nieuw besluit te nemen.
De staatssecretaris stelde hoger beroep in bij de Raad van State en betoogde dat de voorzieningenrechter ten onrechte oordeelde dat het vestigingsalternatief ondeugdelijk was gemotiveerd. De Raad van State overwoog dat het beleid uit de Vreemdelingencirculaire 2000 en het ambtsbericht van oktober 2013 een uitzondering maakt voor vreemdelingen uit Zuid-Darfur, waarbij een vestigingsalternatief geldt indien de dreiging niet persoonlijk gericht is maar het gevolg van willekeurig geweld.
Aangezien de vreemdeling van Arabische afkomst is en niet aannemelijk heeft gemaakt dat hij persoonlijk risico loopt, is het vestigingsalternatief terecht aangenomen. De Raad van State verklaarde het hoger beroep gegrond, vernietigde de uitspraak van de voorzieningenrechter en verklaarde het beroep ongegrond.
Uitkomst: Het beroep van de vreemdeling wordt ongegrond verklaard en het bestreden besluit wordt gehandhaafd.