ECLI:NL:RVS:2014:4508
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging uitspraak rechtbank over gedeeltelijke openbaarmaking documenten en persoonlijke levenssfeer
Appellante verzocht het college van gedeputeerde staten van Drenthe om openbaarmaking van diverse documenten, waaronder begrote arbeidskosten per medewerker, overzichten van medewerkers met hoge beoordelingen en bijzondere beloningen, en een functieboek.
Het college wees het verzoek deels toe en deels af, waarna appellante bezwaar maakte en vervolgens beroep instelde bij de rechtbank. De rechtbank vernietigde het besluit voor zover het niet tot openbaarmaking van een 'was-wordt-lijst' besliste, maar bevestigde het verder. Appellante stelde hoger beroep in tegen deze uitspraak.
De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State oordeelde dat het college terecht stelde niet te beschikken over een document met begrote arbeidskosten per medewerker, omdat begroting op afdelingsniveau plaatsvindt. Verder weegt het belang van eerbiediging van de persoonlijke levenssfeer van ambtenaren zwaarder dan het belang van openbaarmaking van overzichten met beoordelingen en bijzondere beloningen, ook omdat de gevraagde gegevens niet geanonimiseerd verstrekt kunnen worden.
Ten aanzien van het functieboek werd vastgesteld dat er geen integraal functieboek na de reorganisatie is vastgesteld, maar dat alle aanvullingen zijn verstrekt. Het verzoek om proceskostenvergoeding werd afgewezen omdat niet aannemelijk was gemaakt dat gemaakte reiskosten redelijkerwijs noodzakelijk waren.
Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.