ECLI:NL:RVS:2014:4453
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing kinderopvangtoeslag 2009 wegens onvoldoende bewijs kosten
Appellante heeft bezwaar gemaakt tegen het besluit van de Belastingdienst/Toeslagen om het voorschot en de definitieve kinderopvangtoeslag over 2009 op nihil vast te stellen. De rechtbank heeft het beroep van appellante ongegrond verklaard, waarna appellante hoger beroep instelde bij de Raad van State.
De kern van het geschil betreft de vraag of appellante voldoende heeft aangetoond dat zij kosten voor kinderopvang heeft gemaakt. Appellante stelde dat een verklaring van de gastouder en bankafschriften als bewijs dienden. De Raad van State overweegt dat een verklaring van de gastouder zonder aanvullende bewijsstukken, zoals bankoverschrijvingen die de betaling aantonen of kwitanties bij contante betalingen, onvoldoende is.
De Raad van State concludeert dat appellante niet heeft aangetoond dat de opgenomen contante bedragen daadwerkelijk zijn gebruikt voor de betaling van kinderopvangkosten en dat de bankoverschrijvingen niet toereikend zijn om de kosten te staven. Daarom is het standpunt van de Belastingdienst terecht dat appellante geen aanspraak heeft op kinderopvangtoeslag over 2009. Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.