ECLI:NL:RVS:2014:422
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Afwijzing toevoeging rechtsbijstand voor geschil over teruggave teckel wegens onvoldoende belang
In deze bestuursrechtelijke zaak heeft appellant hoger beroep ingesteld tegen de uitspraak van de rechtbank Noord-Nederland waarin het beroep tegen de afwijzing van een aanvraag tot toevoeging voor rechtsbijstand werd verworpen. De aanvraag betrof rechtsbijstand voor een geschil over de teruggave van een teckel die door een kennis werd geweigerd terug te geven.
De Raad van State overwoog dat op grond van artikel 12 van Pro de Wet op de rechtsbijstand en artikel 4 van Pro het Besluit rechtsbijstand- en toevoegcriteria rechtsbijstand niet wordt verleend indien het belang van de zaak onvoldoende gewicht heeft of het op geld waardeerbare belang onder €500 ligt. De appellant stelde dat de waarde van de teckel €750 bedroeg, maar dit werd niet aannemelijk gemaakt met de overgelegde advertenties en facturen.
Verder werd het beroep op het vertrouwensbeginsel verworpen omdat de verwijzing van het Juridisch Loket naar een advocaat geen ondubbelzinnige toezegging van toevoeging inhield en het Loket niet bevoegd is dergelijke toezeggingen te doen. Ook het beroep op schending van artikel 6 EVRM Pro werd ongegrond verklaard omdat niet aannemelijk was gemaakt dat de raad systematisch toevoegingen voor geschillen over huisdieren zou weigeren.
De Raad van State verklaarde het hoger beroep ongegrond en bevestigde de uitspraak van de rechtbank. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: De Raad van State bevestigt de afwijzing van de toevoeging omdat het belang van de zaak onvoldoende gewicht heeft en het geldelijke belang onder de drempel van €500 blijft.