ECLI:NL:RVS:2014:4145
Raad van State
- Eerste aanleg - meervoudig
- J.H. van Kreveld
- J. Hoekstra
- F.C.M.A. Michiels
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit staatssecretaris over bezwaar tegen overbrenging afvalstoffen naar North Refinery
Bij besluiten van september 2013 maakte de staatssecretaris bezwaar tegen de overbrenging van afvalstoffen vanuit België naar North Refinery in Nederland. De staatssecretaris stelde dat de bewerking bij North Refinery als een voorlopige nuttige toepassing (R12) moest worden aangemerkt, terwijl op de kennisgevingen R9 was vermeld. Dit leidde tot aanvullende kennisgevingsvereisten volgens de EVOA.
North Refinery betwistte dat het onjuist vermelden van de verwerkingshandeling een geldige bezwaargrond is en stelde dat de geproduceerde fluxolie geen afvalstof is, omdat deze bewust wordt geproduceerd en verhandeld als reductiemiddel in de staalindustrie.
De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelde, verwijzend naar eerdere jurisprudentie van het Hof van Justitie, dat de fluxolie geen afvalstof is omdat North Refinery zich niet van de stof ontdoet, maar deze bewust produceert en gebruikt. Het bezwaar van de staatssecretaris was daarom ongegrond.
Het beroep werd gegrond verklaard, het bestreden besluit vernietigd, en de primaire besluiten herroepen. Tevens werd de staatssecretaris veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en griffierecht aan North Refinery.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en het besluit van de staatssecretaris wordt vernietigd wegens onjuiste kwalificatie van de fluxolie als afvalstof.