ECLI:NL:RVS:2014:4142
Raad van State
- Hoger beroep
- S.F.M. Wortmann
- D.J.C. van den Broek
- R.J.J.M. Pans
- Rechtspraak.nl
Vernietiging uitspraak en besluit inzake handhaving bouw serre zonder vergunning
Het college van burgemeester en wethouders van Beuningen wees een verzoek tot handhaving af tegen de bouw van een serre zonder omgevingsvergunning. De rechtbank Gelderland oordeelde dat de serre in strijd was met het bestemmingsplan en dat het college bevoegd was tot handhaving, maar dat het college ten onrechte had afgezien van handhaving vanwege belangenafweging.
In hoger beroep stelde de Afdeling bestuursrechtspraak vast dat het college terecht had geoordeeld dat voor de serre een omgevingsvergunning vereist was, maar dat de rechtbank ten onrechte had aangenomen dat de bouw in strijd met de Bouwverordening een overtreding opleverde die handhaving rechtvaardigde. Artikel 2.5.17 van de Bouwverordening is een stedenbouwkundig voorschrift zonder zelfstandige handhavingsbevoegdheid.
Verder oordeelde de Afdeling dat het college onterecht van handhaving had afgezien op grond van concreet zicht op legalisatie en het vertrouwensbeginsel, omdat de wijziging van het Besluit omgevingsrecht nog niet in werking was getreden en het college onvoldoende had gemotiveerd waarom het vertrouwen tot afzien van handhaving leidde.
De Afdeling vernietigde het vonnis van de rechtbank en het besluit van het college van 5 november 2012 en 28 februari 2014, verklaarde het beroep van appellant sub 2 gegrond en het hoger beroep van het college gegrond, en bepaalde dat de rechtsgevolgen van het besluit van 28 februari 2014 in stand blijven vanwege latere wetswijzigingen. Het college werd veroordeeld tot vergoeding van proceskosten.
Uitkomst: Het hoger beroep van het college wordt gegrond verklaard, de uitspraak van de rechtbank en het besluit van het college worden vernietigd, en het beroep van appellant sub 2 tegen het besluit van 28 februari 2014 wordt gegrond verklaard.