ECLI:NL:RVS:2014:3853
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging intrekking last onder dwangsom inzake hekwerk zonder vergunning
Het college van burgemeester en wethouders van Bodegraven-Reeuwijk heeft bij besluit van 9 april 2013 de last onder dwangsom opgelegd aan belanghebbende ingetrokken. Deze last had betrekking op een overtreding van artikel 2.1.5.1 van de Algemene Plaatselijke Verordening Reeuwijk 2006, die het zonder vergunning gebruiken van de weg of weggedeelte verbiedt.
Appellant, wonende nabij het perceel met het hekwerk, maakte bezwaar tegen het intrekken van de last onder dwangsom. Hij stelde dat het hekwerk nog steeds uitsluitend naar buiten toe geopend kan worden, waardoor hinder blijft bestaan en de doelstelling van de last niet wordt bereikt. De rechtbank verklaarde het beroep van appellant niet-ontvankelijk en ongegrond.
De Raad van State overweegt dat het college bevoegd was de last onder dwangsom op te heffen, mede omdat er geen overtredingen meer zijn geconstateerd sinds de oplegging en het hekwerk inmiddels ontheffing en bouwvergunning heeft gekregen. De enkele stelling van appellant dat het hek naar buiten toe open kan blijven, is onvoldoende om het besluit aan te tasten. Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: De Raad van State bevestigt het besluit tot intrekking van de last onder dwangsom en verklaart het hoger beroep ongegrond.