ECLI:NL:RVS:2014:3822
Raad van State
- Hoger beroep
- J.H. van Kreveld
- Rechtspraak.nl
Bevestiging niet-ontvankelijkheid beroep tegen watervergunning aan Vlaams Gewest
Bij besluit van 23 september 2013 heeft de minister een watervergunning verleend aan het Vlaams Gewest voor het onderhoud van de hoofdvaargeul in de Westerschelde. Het beroep van appellant tegen dit besluit is door de rechtbank niet-ontvankelijk verklaard omdat appellant geen zienswijzen naar voren heeft gebracht tijdens de voorbereidingsprocedure, en dit verzuim niet verschoonbaar was.
Appellant stelde in hoger beroep dat er sprake was van een toezegging dat nog zienswijzen konden worden ingediend, gebaseerd op een artikel in een krant. De Afdeling oordeelde dat deze mededeling slechts een journalistieke samenvatting was en geen concrete toezegging van de minister, en dat de vergunning reeds was verleend toen appellant dit veronderstelde.
De Afdeling ziet geen reden om af te wijken van het oordeel van de rechtbank en verklaart het hoger beroep ongegrond. De uitspraak van 1 april 2014 wordt bevestigd. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het beroep tegen de watervergunning is niet-ontvankelijk verklaard en deze uitspraak is bevestigd.