ECLI:NL:RVS:2014:3503
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering omgevingsvergunning voor recreatieverblijf in strijd met bestemmingsplan
Het college van burgemeester en wethouders van Leiden weigerde op 27 mei 2013 een omgevingsvergunning eerste fase aan appellante voor het gebruik van haar perceel in afwijking van het bestemmingsplan. Het recreatieverblijf overschrijdt de toegestane oppervlakte en goothoogte volgens het bestemmingsplan "Oostvlietpolder".
De rechtbank verklaarde het beroep van appellante ongegrond en de Raad van State bevestigde deze uitspraak in hoger beroep. De Afdeling bestuursrechtspraak overwoog dat het college beleidsvrijheid heeft en dat het besluit terughoudend moet worden getoetst. Het verlenen van de vergunning zou leiden tot verdere verstening en aantasting van het groene karakter van het gebied.
Appellante voerde onder meer aan dat vergelijkbare recreatieverblijven grotere goothoogtes hebben en dat het college een hogere oppervlakte had geaccepteerd. Deze argumenten werden verworpen omdat het recreatieverblijf van appellante groter is en een volwaardige kapverdieping heeft, wat leidt tot een andere ruimtelijke uitstraling. Ook het beroep op het gelijkheidsbeginsel en het vertrouwensbeginsel faalden. De Afdeling bevestigde de uitspraak van de rechtbank en wees het hoger beroep af.
Uitkomst: De Raad van State bevestigt de weigering van de omgevingsvergunning vanwege strijd met het bestemmingsplan en de goede ruimtelijke ordening.