ECLI:NL:RVS:2014:3286
Raad van State
- Hoger beroep
- H.G. Lubberdink
- R. van der Spoel
- E. Steendijk
- Rechtspraak.nl
Bevestiging intrekking en terugvordering remigratievoorzieningen wegens niet voldoen aan WWB-vereiste
De zaak betreft het hoger beroep van appellant tegen de uitspraak van de rechtbank Den Haag die het beroep tegen de intrekking en terugvordering van remigratievoorzieningen door de Sociale Verzekeringsbank (SVB) ongegrond verklaarde.
De SVB had de voorzieningen ingetrokken omdat appellant niet voldeed aan het vereiste dat zij voorafgaand aan de aanvraag gedurende ten minste zes maanden een WWB-uitkering had ontvangen. Appellant voerde aan dat er twijfel bestond over de rechtmatigheid van de WWB-uitkering, omdat de intrekking daarvan nog niet definitief was, en dat zij niet betrokken was bij de intrekkingsprocedure vanwege ziekte.
De Raad van State oordeelde dat het besluit tot intrekking van de WWB-uitkering met terugwerkende kracht tot 1 april 2007 was genomen en dat daarmee het vereiste niet was voldaan. Het beroep faalde ook omdat appellant geen bijzondere omstandigheden aannemelijk had gemaakt die een terugvordering onevenredig zouden maken. De Raad bevestigde derhalve de uitspraak van de rechtbank en verwierp het hoger beroep.
Uitkomst: De Raad van State bevestigt de intrekking en terugvordering van remigratievoorzieningen wegens niet voldoen aan het WWB-vereiste.