ECLI:NL:RVS:2014:2983
Raad van State
- Voorlopige voorziening
- P.J.J. van Buuren
- A.J. Kuipers
- Rechtspraak.nl
Afwijzing voorlopige voorziening tegen bestemmingsplan Europoort en Landtong en veiligheidscontour
Bij besluit van 19 december 2013 heeft de raad van Rotterdam het bestemmingsplan "Europoort en Landtong" vastgesteld, gevolgd door de vaststelling van de veiligheidscontour op 4 februari 2014 door het college van gedeputeerde staten en het college van burgemeester en wethouders van Rotterdam. Verzoekers, wonend nabij de planlocaties, stelden beroep in tegen deze besluiten en verzochten om voorlopige voorzieningen.
Zij maken bezwaar tegen de bestemmingen "Bedrijf - 4" en "Bedrijf - Andere havengerelateerde activiteiten" vanwege vermeende veiligheidsrisico's en overschrijding van de plaatsgebonden risicocontour, alsmede tegen de nabijheid van de veiligheidscontour bij hun woningen. Tevens wijzen zij op mogelijke toename van geluid, stank en visuele hinder en op strijd met een oude Demarcatielijn.
De raad en colleges voeren aan dat geen spoedeisend belang bestaat omdat geen ontwikkelingen worden verwacht vóór de hoofdzaak en dat de veiligheidscontour waarborgt dat risico's niet toenemen. De voorzitter stelt vast dat geen aanvragen voor omgevingsvergunningen zijn ingediend en dat de huidige situatie, waaronder het bestaan van een schietbaan, geen onmiddellijke risico's oplevert.
De voorzitter oordeelt dat het verzoek om voorlopige voorziening geen spoedeisend belang rechtvaardigt en dat de veiligheidscontour conform het Bevi moet worden gehanteerd bij toekomstige vergunningverlening. Het verzoek wordt daarom afgewezen, met de mogelijkheid voor verzoekers om bij toekomstige aanvragen opnieuw een verzoek in te dienen.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening tegen het bestemmingsplan en de veiligheidscontour wordt afgewezen wegens het ontbreken van een spoedeisend belang.