ECLI:NL:RVS:2014:2903
Raad van State
- Voorlopige voorziening
- J.H. van Kreveld
- Rechtspraak.nl
Afwijzing voorlopige voorziening tegen omgevingsvergunning voor verwerking asbesthoudend staalschroot
Gedeputeerde staten verleenden op 16 september 2013 een omgevingsvergunning aan Ruigenhil Vastgoed B.V. voor het uitvoeren van proeven met licht asbesthoudend staalschroot in de staalsmelterij van Nedstaal B.V. Het college van burgemeester en wethouders van Alblasserdam maakte bezwaar tegen deze vergunning en stelde beroep in bij de rechtbank Den Haag, die het beroep ongegrond verklaarde. Het college stelde vervolgens hoger beroep in en verzocht de voorzitter van de Afdeling bestuursrechtspraak om een voorlopige voorziening.
De voorzitter behandelde het verzoek op 8 juli 2014 en oordeelde dat het gevreesde risico op onherstelbare schade aan de volksgezondheid onvoldoende aannemelijk was. Diverse bezwaren van het college, zoals onduidelijkheid over vergunningvoorschriften, het gebruik van containers, het ontbreken van een droogvoorschrift en de werking van de filtratie-unit, werden inhoudelijk beoordeeld en verworpen. Ook het risico dat medewerkers asbestvezels naar buiten zouden dragen werd niet aannemelijk geacht.
Gezien de toelichtingen van Ruigenhil en het TNO-rapport achtte de voorzitter het verzoek om voorlopige voorziening niet gegrond en wees dit af. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd. De uitspraak werd gedaan op 22 juli 2014 door voorzitter J.H. van Kreveld.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening tegen de omgevingsvergunning voor verwerking van licht asbesthoudend staalschroot wordt afgewezen.