ECLI:NL:RVS:2014:2889
Raad van State
- Hoger beroep
- H.G. Sevenster
- A.B.M. Hent
- C.M. Wissels
- Rechtspraak.nl
Vernietiging uitspraak rechtbank inzake intrekking verblijfsvergunning en afwijzing verlenging
De minister voor Immigratie en Asiel trok de verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd van de vreemdeling in vanwege het verstrekken van onjuiste gegevens over de inkomsten van zijn partner, die een uitkering ontving in plaats van loon uit dienstbetrekking. Tevens werd de aanvraag tot verlenging afgewezen omdat niet aan het middelenvereiste werd voldaan.
De rechtbank verklaarde het beroep van de vreemdeling gegrond en vernietigde het besluit van de minister, waarna zowel de staatssecretaris als de vreemdeling hoger beroep instelden. De Afdeling bestuursrechtspraak heeft het hoger beroep van de staatssecretaris gegrond verklaard en dat van de vreemdeling ongegrond.
De Afdeling oordeelde dat de rechtbank ten onrechte had geoordeeld dat de vreemdeling onder het toepassingsbereik van artikel 13 van Pro besluit nr. 1/80 viel, omdat hij geen legaal verblijf had en geen werknemer of gezinslid van een werknemer was. Ook werd geoordeeld dat de rechtbank terecht geen nadere reactietermijn had gegund voor ambtelijke informatie die was ingebracht.
De uitspraak van de rechtbank werd vernietigd en de zaak werd terugverwezen voor hernieuwde behandeling met inachtneming van de overwegingen van de Afdeling. De proceskosten in hoger beroep werden vastgesteld en de beslissing over vergoeding daarvan aan de rechtbank overgelaten.
Uitkomst: De uitspraak van de rechtbank wordt vernietigd en de zaak wordt terugverwezen voor hernieuwde behandeling.