ECLI:NL:RVS:2014:2771
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging invordering dwangsom wegens strijdige bouw en bewoning
Het college van burgemeester en wethouders van Leudal heeft besloten tot invordering van een dwangsom van €10.000 wegens het niet tijdig in overeenstemming brengen van een pand met de bouwvergunning en het staken van de bewoning van een verdieping die in strijd is met de Woningwet en het bestemmingsplan.
Appellant voerde aan dat het onredelijk was om tot invordering over te gaan omdat hem via een later besluit tot eind december 2012 een termijn was gegund om het pand te bewonen. De rechtbank oordeelde dat dit geen grond was om af te zien van invordering, omdat het tweede besluit een nieuw besluit tot oplegging van een dwangsom betreft en het eerdere besluit niet is herzien.
De Raad van State bevestigt deze uitspraak en oordeelt dat het belang van invordering zwaarwegend is en alleen in bijzondere omstandigheden van invordering kan worden afgezien. Appellant heeft onvoldoende redenen aangevoerd om de eerdere beoordeling te wijzigen. De uitspraak van de rechtbank blijft daarmee in stand.
Uitkomst: De Raad van State bevestigt de invordering van de dwangsom wegens strijdige bouw en bewoning.