ECLI:NL:RVS:2014:2711
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit herziening voorschot kinderopvangtoeslag wegens strijd met vertrouwensbeginsel
De Belastingdienst/Toeslagen had het aan appellant toegekende voorschot kinderopvangtoeslag over 2008 herzien en vastgesteld op nihil, omdat appellant niet had aangetoond daadwerkelijk kosten van kinderopvang te hebben gemaakt. Appellant stelde dat hij dit wel had aangetoond met bankafschriften en kwitanties, en dat het gastouderbureau hem niet had geïnformeerd over de verplichting tot bewijs.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellant ongegrond, maar de Afdeling bestuursrechtspraak oordeelde dat de rechtbank ten onrechte het beroep op het vertrouwensbeginsel niet voldoende had meegewogen. De brief van de Belastingdienst van 6 april 2010 wekte bij appellant gerechtvaardigd vertrouwen dat hij aanspraak had op kinderopvangtoeslag, zonder voorbehoud.
De Afdeling vernietigde daarom het besluit van 11 juni 2012 en het besluit van 15 maart 2012, en verklaarde het beroep gegrond. Tevens werd de Belastingdienst veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en griffierecht. De uitspraak van de rechtbank werd vernietigd en vervangen door deze uitspraak.
Uitkomst: Het besluit van de Belastingdienst om het voorschot kinderopvangtoeslag 2008 op nihil te stellen is vernietigd wegens strijd met het vertrouwensbeginsel.