ECLI:NL:RVS:2014:2642
Raad van State
- Hoger beroep
- F.C.M.A. Michiels
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering omgevingsvergunning permanente bewoning recreatiewoning te Nunspeet
Appellant verzocht om een omgevingsvergunning met persoonsgebonden karakter voor het permanent bewonen van een recreatiewoning op een perceel te Nunspeet. Het college van burgemeester en wethouders weigerde deze vergunning op grond van het bestemmingsplan en de toepasselijke regelgeving. Appellant stelde dat hij reeds voor 31 oktober 2003 de recreatiewoning permanent bewoonde en dat hij dit met getuigenverklaringen en bewijsstukken zoals elektriciteits- en waterafschriften kon aantonen.
De rechtbank oordeelde echter dat appellant onvoldoende bewijs had geleverd voor permanente bewoning op de peildatum. De inschrijving in de gemeentelijke basisadministratie (GBA) vanaf 15 februari 2006 wekte een vermoeden van hoofdverblijf, maar appellant kon niet aantonen dat dit reeds op 31 oktober 2003 het geval was. De verklaringen van ouders en buren werden onvoldoende geacht en de overgelegde rekeningen en afschriften betroffen perioden na de peildatum.
De Raad van State bevestigde deze beoordeling en oordeelde dat appellant niet voldeed aan de voorwaarden voor verlening van de omgevingsvergunning conform artikel 4, tiende lid, van bijlage II bij het Besluit omgevingsrecht. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de weigering van de omgevingsvergunning voor permanente bewoning bevestigd.