ECLI:NL:RVS:2014:2246
Raad van State
- Hoger beroep
- H. Troostwijk
- E. Steendijk
- J.J. van Eck
- Rechtspraak.nl
Vaststelling verantwoordelijkheid Malta voor asielaanvraag en beoordeling medische situatie vreemdeling
Bij besluit van 17 september 2013 wees de staatssecretaris de aanvraag van de vreemdeling om een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd af. De voorzieningenrechter verklaarde het beroep van de vreemdeling gegrond en vernietigde het besluit, met de opdracht aan de staatssecretaris een nieuw besluit te nemen. De staatssecretaris stelde hiertegen hoger beroep in bij de Raad van State.
De kern van het geschil betrof de vraag of Malta als verantwoordelijke lidstaat de asielaanvraag moet behandelen, mede gelet op de medische situatie van de vreemdeling en de opvangmogelijkheden in Malta. De staatssecretaris had toegezegd dat de overdracht aan Malta pas zou plaatsvinden nadat de Maltese autoriteiten op de hoogte waren gesteld van de medische situatie van de vreemdeling.
De Raad van State oordeelde dat het rapport van Pro Asyl onvoldoende grond biedt om te concluderen dat alleenstaande mannelijke Dublinclaimanten in Malta geen opvang krijgen en dat de medische situatie van de vreemdeling geen aanleiding geeft om de aanvraag in Nederland te behandelen. Het hoger beroep van de staatssecretaris werd gegrond verklaard, het vonnis van de voorzieningenrechter vernietigd en het beroep van de vreemdeling ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep van de vreemdeling wordt ongegrond verklaard en het besluit van de staatssecretaris bevestigd.