ECLI:NL:RVS:2014:2235
Raad van State
- Hoger beroep
- H.G. Lubberdink
- R. van der Spoel
- N. Verheij
- Rechtspraak.nl
Vernietiging uitspraak rechtbank inzake inreisverbod vreemdeling na intrekking verblijfstitel
De staatssecretaris van Veiligheid en Justitie vaardigde op 4 juni 2013 een inreisverbod uit tegen een vreemdeling die eerder een verblijfstitel had op grond van Richtlijn 2004/81/EG, maar van wie deze verblijfstitel was ingetrokken. De rechtbank verklaarde het beroep van de vreemdeling tegen het inreisverbod gegrond en vernietigde het besluit.
De staatssecretaris stelde hoger beroep in bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State. De Afdeling oordeelde dat de Terugkeerrichtlijn (Richtlijn 2008/115/EG) alleen van toepassing is op vreemdelingen die illegaal verblijven. Ten tijde van het inreisverbod verbleef de vreemdeling niet langer legaal, waardoor de richtlijn van toepassing was. Omdat de vreemdeling niet aan de terugkeerverplichting had voldaan, was het uitvaardigen van het inreisverbod terecht.
De Afdeling vernietigde daarom het vonnis van de rechtbank en verklaarde het beroep van de vreemdeling ongegrond. De door de vreemdeling aangevoerde humanitaire omstandigheden, zoals zwangerschap en medische klachten, waren onvoldoende om af te zien van het inreisverbod. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het inreisverbod tegen de vreemdeling is terecht uitgevaardigd en het beroep van de vreemdeling wordt ongegrond verklaard.