ECLI:NL:RVS:2014:1935
Raad van State
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Ongegrond verklaring beroep tegen subsidievaststelling 2011 Stichting MEE Veluwe
De Stichting MEE Veluwe stelde beroep in tegen het besluit van het College voor zorgverzekeringen (CVZ) waarin de subsidie voor 2011 werd vastgesteld. Het geschil betrof met name de niet-subsidiëring van dotaties aan voorzieningen zoals het Persoonlijk Budget Levensfase (PBL), onderhoud automatisering en beëindigingskosten.
De stichting voerde aan dat de dotaties aan de voorziening PBL subsidiabel waren omdat deze gebaseerd waren op verplichtingen uit de CAO Gehandicaptenzorg en het Burgerlijk Wetboek. Het CVZ stelde echter dat alleen werkelijke lasten subsidiabel zijn en dat toekomstige verplichtingen niet als zodanig kunnen worden aangemerkt.
De Raad overwoog dat de niet-opgebouwde PBL-uren afhankelijk zijn van onzekere factoren en daarom niet als werkelijke lasten kunnen worden beschouwd. Ook werd geoordeeld dat voorzieningen voor onderhoud automatisering en buiten rechte beëindigingskosten niet subsidiabel zijn volgens de Regeling subsidies AWBZ.
Het beroep werd daarom ongegrond verklaard. Er werd geen proceskostenveroordeling uitgesproken.
Uitkomst: Het beroep van Stichting MEE Veluwe tegen het subsidievaststellingsbesluit 2011 is ongegrond verklaard.