ECLI:NL:RVS:2014:1840
Raad van State
- Hoger beroep
- M.G.J. Parkins-de Vin
- C.J. Borman
- E. Steendijk
- Rechtspraak.nl
Vernietiging uitspraken rechtbank inzake afwijzing verzoek uitstel uitzetting vreemdeling
De staatssecretaris van Veiligheid en Justitie wees op 12 november 2012 een verzoek van een vreemdeling af om uitzetting uit te stellen op grond van artikel 64 van Pro de Vreemdelingenwet 2000. De vreemdeling maakte bezwaar, dat eveneens werd afgewezen. De rechtbank verklaarde het beroep van de vreemdeling gegrond en vernietigde het besluit, waarna de staatssecretaris hoger beroep instelde bij de Raad van State.
De Raad van State oordeelde dat de rechtbank ten onrechte had geoordeeld dat het besluit onzorgvuldig was voorbereid en ondeugdelijk gemotiveerd vanwege het niet voorleggen van een brief van behandelaars aan het Bureau Medische Advisering (BMA). De Raad stelde dat het BMA-advies zorgvuldig en inzichtelijk was en dat een verschil van inzicht tussen behandelaars en het BMA niet automatisch betekent dat het advies onzorgvuldig is.
De Raad vernietigde de uitspraken van de rechtbank en verklaarde het beroep van de vreemdeling ongegrond. Tevens verwierp de Raad de overige beroepsgronden van de vreemdeling, waaronder het niet horen in bezwaar en het niet vergoeden van kosten. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: De Raad van State vernietigt de uitspraken van de rechtbank en verklaart het beroep van de vreemdeling ongegrond.