ECLI:NL:RVS:2014:1837
Raad van State
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- W. Sorgdrager
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit bestuursdwang wegens onterechte toerekening overtreding afvalstoffenverordening
Het college van burgemeester en wethouders van Den Haag had op 22 april 2013 spoedeisende bestuursdwang toegepast wegens het aanbieden van huishoudelijke afvalstoffen in strijd met de Afvalstoffenverordening 2010. De kosten van deze bestuursdwang werden op appellante verhaald omdat de afvalzak met haar naam en adresgegevens was aangetroffen.
Appellante betwistte de overtreding en stelde dat een derde, die niet in haar opdracht handelde, de afvalzak had aangeboden. Het college stelde dat appellante als overtreder kon worden aangemerkt omdat de afvalzak aan haar was toe te rekenen.
De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelde dat hoewel de afvalzak aan appellante kon worden herleid, het college onvoldoende had bewezen dat zij zelf of via opdracht de overtreding had begaan. De overtreding kon daarom niet aan haar worden toegerekend. Het beroep werd gegrond verklaard, het besluit tot bestuursdwang en het besluit op bezwaar werden vernietigd, en de uitspraak trad in de plaats van het vernietigde besluit.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en het besluit tot bestuursdwang en kostenverhaal wordt vernietigd omdat de overtreding niet aan appellante kan worden toegerekend.