ECLI:NL:RVS:2014:1632
Raad van State
- Hoger beroep
- P.B.M.J. van der Beek-Gillessen
- J. Kramer
- R. Uylenburg
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep tegen vernietiging omgevingsvergunning woninguitbreiding Groningen
Het college van burgemeester en wethouders van Groningen verleende op 17 april 2012 een omgevingsvergunning voor het vergroten van een bungalow aan een perceel in Groningen. Deze vergunning betrof een dakopbouw die de maximale bouwhoogte van het bestemmingsplan overschreed. Het college verleende ontheffing op grond van de planregels.
De rechtbank Noord-Nederland verklaarde het beroep van omwonenden gegrond en vernietigde het besluit tot ontheffing, omdat het college onvoldoende had gemotiveerd waarom de vergunning werd verleend. Het college stelde echter in hoger beroep dat de rechtbank ten onrechte de motieven van de aanvrager als onderdeel van de planologische afweging had betrokken en dat het bouwplan geen onevenredige aantasting van belangen oplevert.
De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State oordeelde dat het college de belangen van omwonenden, zoals privacy, schaduwwerking en het straatbeeld, voldoende had meegewogen en dat het welstandsadvies rechtsgeldig tot stand was gekomen. Ook werd geoordeeld dat het bezwaar tegen de publicatie van de aanvraag niet tot vernietiging leidt omdat geen nadeel is ontstaan. De Afdeling verklaarde het hoger beroep gegrond, vernietigde de uitspraak van de rechtbank en verklaarde het beroep van omwonenden ongegrond. Tevens werd het besluit van het college van 27 juni 2013 vernietigd omdat de grondslag daarvan was komen te vervallen.
Uitkomst: Het beroep van omwonenden tegen de omgevingsvergunning wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank wordt vernietigd.