ECLI:NL:RVS:2014:1593
Raad van State
- Hoger beroep
- H. Troostwijk
- Rechtspraak.nl
Bevestiging boete wegens overtreding Wet arbeid vreemdelingen zonder tewerkstellingsvergunning
De minister legde op 2 november 2012 aan appellante een boete van €8.000 op wegens overtreding van artikel 2, eerste lid, van de Wet arbeid vreemdelingen (Wav), omdat een vreemdeling zonder tewerkstellingsvergunning arbeid verrichtte. Het bezwaar van appellante werd door de minister ongegrond verklaard en de rechtbank bevestigde dit bij uitspraak van 30 augustus 2013.
Appellante stelde in hoger beroep dat het boeterapport onjuist was omdat het referentienummer van de tolk ontbrak, waardoor de juistheid van het proces-verbaal niet zonder meer kon worden aangenomen. De Raad van State oordeelde dat in beginsel moet worden uitgegaan van de inhoud van een op ambtseed of ambtsbelofte opgemaakt proces-verbaal, tenzij bijzondere omstandigheden dat rechtvaardigen. Het ontbreken van het referentienummer van de tolk vormt geen zodanige bijzondere omstandigheid.
De Raad van State verklaarde het hoger beroep ongegrond en bevestigde de uitspraak van de rechtbank. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: De Raad van State bevestigt de boete wegens het laten verrichten van arbeid door een vreemdeling zonder tewerkstellingsvergunning en wijst het hoger beroep af.