ECLI:NL:RVS:2014:1538
Raad van State
- Hoger beroep
- R.W.L. Loeb
- J.C. Kranenburg
- N. Verheij
- Rechtspraak.nl
Bevestiging uitspraak over vergoeding planschade na bestemmingsplanwijziging in Harderwijk
Bij onderscheiden besluiten van 22 april 2010 kende de raad van de gemeente Harderwijk appellant A een vergoeding van €13.750,- plus wettelijke rente toe wegens planschade door het bestemmingsplan 'Drielanden-Oost'. Verzoeken van appellant C en D werden afgewezen. De rechtbank verklaarde de beroepen van appellanten ongegrond, hetgeen in hoger beroep werd bevestigd.
De kern van het geschil betrof de vraag of de planologische wijziging, waarbij agrarische gronden werden bestemd voor gemengde doeleinden en mogelijk bedrijventerrein, voorzienbaar was ten tijde van de aankoop van de percelen. De Afdeling overwoog dat alleen de planologische situatie bij aankoop relevant is, waarbij het ontwerp-Struktuurplan Harderwijk ’80 als concreet beleidsvoornemen geldt dat het gebied als werkgebied kan worden aangemerkt.
Appellanten stelden dat latere jurisprudentie hen benadeelde en dat eerdere beleidsvoornemens een bedrijventerrein uitsloten, maar deze bezwaren werden verworpen. De Afdeling bevestigde dat de latere jurisprudentie niet terugwerkende kracht heeft en dat de raad terecht oordeelde dat de planologische wijziging voorzienbaar was. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep is ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.