ECLI:NL:RVS:2014:1416
Raad van State
- Hoger beroep
- J.H. van Kreveld
- N. Verheij
- G.M.H. Hoogvliet
- Rechtspraak.nl
Bevestiging van exploitatievergunning met voorwaardelijke intrekking bij overtredingen terras
De burgemeester verleende op 16 mei 2011 een exploitatievergunning aan appellant voor een horecabedrijf met een ongebouwd terras, onder de voorwaarde dat de vergunning wordt ingetrokken bij meer dan één overtreding. Appellant maakte bezwaar tegen deze voorwaarde, dat door de burgemeester werd afgewezen. De rechtbank verklaarde het beroep van appellant ongegrond en bevestigde dat de voorwaarde slechts een waarschuwing is zonder direct rechtsgevolg.
Appellant stelde dat de voorwaarde wel rechtsgevolgen heeft en dat het onredelijk is dat hij dit pas in een handhavingsprocedure kan aanvechten. De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State oordeelde dat de voorwaarde inderdaad een feitelijke waarschuwing betreft en dat appellant rechtsmiddelen kan aanwenden na intrekking van de vergunning. Het is niet onredelijk dat appellant dit pas na intrekking kan doen.
De Afdeling bevestigde derhalve de uitspraak van de rechtbank en verklaarde het hoger beroep ongegrond. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd. Hiermee blijft de voorwaardelijke intrekking van de exploitatievergunning bij meer dan één overtreding van de terrasregels gehandhaafd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.