ECLI:NL:RVS:2014:1413
Raad van State
- Hoger beroep
- J.E.M. Polak
- N. Verheij
- C.M. Wissels
- Rechtspraak.nl
Raad van State wijst SUWR opdracht tot heroverweging urgentieverklaring wegens onvoldoende motivering
De Stichting Urgentiebepaling Woningzoekenden Rijnmond (SUWR) weigerde op 7 februari 2011 aan appellant een urgentieverklaring te verlenen. Na bezwaar en een uitspraak van de rechtbank Rotterdam die het besluit bevestigde, stelde appellant hoger beroep in bij de Raad van State. De SUWR baseerde haar besluit op adviezen van de GGD Rotterdam-Rijnmond, die concludeerden dat geen sprake was van een medische noodsituatie die urgentie rechtvaardigde.
Appellant voerde aan dat de GGD onvoldoende rekening had gehouden met zijn overgevoeligheid voor cannabisrook in zijn directe woonomgeving, wat zijn lichamelijk en psychisch functioneren beïnvloedt. De Raad van State oordeelde dat de SUWR onvoldoende had gemotiveerd dat de directe woonomgeving was betrokken bij de beoordeling van de medische problematiek, terwijl deze omgeving wel onderdeel is van de zelfstandige woonruimte.
De Raad van State vernietigde het besluit van 20 oktober 2011 wegens strijd met artikel 7:12 Awb Pro en droeg de SUWR op binnen zes weken het besluit te heroverwegen en zo nodig te wijzigen, met een nieuw advies van de GGD. Tevens moet de SUWR opnieuw toetsen of toepassing van de hardheidsclausule gerechtvaardigd is. De uitspraak werd gedaan op 23 april 2014.
Uitkomst: Het besluit van SUWR wordt vernietigd en zij wordt opgedragen het besluit binnen zes weken te heroverwegen en opnieuw te motiveren met inachtneming van de directe woonomgeving.