ECLI:NL:RVS:2014:1095
Raad van State
- Hoger beroep
- H. Troostwijk
- G. van der Wiel
- N. Verheij
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep tegen afwijzing verblijfsvergunning asiel wegens Dublinverordening
De staatssecretaris wees op 2 juli 2013 de aanvraag van de vreemdeling om een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd af. De voorzieningenrechter verklaarde het beroep van de vreemdeling gegrond en vernietigde het besluit, waarna de staatssecretaris hoger beroep instelde bij de Raad van State.
De Raad van State oordeelde dat Italië zich terecht verantwoordelijk heeft verklaard voor de behandeling van de asielaanvraag op grond van artikel 16 van Pro de Dublinverordening. De staatssecretaris hoeft daarom niet nader te onderzoeken of Italië terecht verantwoordelijk is. Het beroep van de vreemdeling dat Nederland de aanvraag aan zich moest trekken wegens gezinsverbanden werd verworpen, mede omdat het gezin in het land van herkomst nog niet bestond.
Ook het betoog dat overdracht aan Italië strijdig zou zijn met artikel 3 EVRM Pro faalde. De Raad van State verklaarde het hoger beroep van de staatssecretaris gegrond, vernietigde de uitspraak van de voorzieningenrechter en verklaarde het beroep van de vreemdeling ongegrond.
Uitkomst: Het beroep van de vreemdeling wordt ongegrond verklaard en het besluit tot afwijzing van de verblijfsvergunning wordt bevestigd.