ECLI:NL:RVS:2014:1057
Raad van State
- Hoger beroep
- C.J. Borman
- Y.E.M.A. Timmerman-Buck
- G.M.H. Hoogvliet
- Rechtspraak.nl
Bestuursrechtelijke toetsing handhavingsverzoeken inzake zandopslag in recreatieplas Strandheem
Het dagelijks bestuur van het Waterschap Noorderzijlvest wees verzoeken van [verzoeker] om handhavingsmaatregelen tegen [belanghebbende] af wegens overtreding van het Besluit bodemkwaliteit en de Waterwet met betrekking tot de opslag van zand in de recreatieplas Strandheem.
De rechtbank Groningen oordeelde dat het Besluit bodemkwaliteit niet van toepassing was en dat het dagelijks bestuur had moeten onderzoeken of een vergunning op grond van de Waterwet vereist was. De rechtbank vernietigde de besluiten en bepaalde dat het dagelijks bestuur opnieuw moest beslissen.
De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State stelt dat het Besluit bodemkwaliteit wel van toepassing is op de tijdelijke opslag van zand in de plas Strandheem, waarbij de opslag kwalificeert als toepassen van grond binnen de betekenis van het besluit. Hierdoor was geen vergunning op grond van de Waterwet vereist en was het dagelijks bestuur niet bevoegd tot handhaving op die grond.
Verder oordeelt de Afdeling dat de zorgplicht uit artikel 7 van Pro het Besluit bodemkwaliteit niet is overtreden, omdat geen schadelijke milieugevolgen zijn vastgesteld en de tijdelijke verhoogde concentraties aan onopgeloste bestanddelen als tijdelijk en niet schadelijk worden beschouwd.
De Afdeling vernietigt de uitspraak van de rechtbank voor zover die in strijd is met dit oordeel, verklaart het bezwaar van [verzoeker] tegen het handhavingsbesluit ongegrond en bevestigt de overige delen van de uitspraak.
Uitkomst: Het bezwaar van verzoeker tegen het handhavingsbesluit wordt ongegrond verklaard en het hoger beroep gegrond verklaard voor zover het de toepassing van het Besluit bodemkwaliteit betreft.