ECLI:NL:RVS:2013:CA2853
Raad van State
- Hoger beroep
- M. Vlasblom
- B.P. Vermeulen
- N. Verheij
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing toevoeging rechtsbijstand voor verzoek beëindiging vervolging
Appellant verzocht om een toevoeging voor rechtsbijstand om een verklaring te verkrijgen dat zijn vervolging was beëindigd. De raad voor rechtsbijstand wees dit verzoek af omdat het belang naar zijn oordeel redelijkerwijs door appellant zelf kon worden behartigd zonder toevoeging.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellant ongegrond en de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State bevestigde dit oordeel. De Afdeling overwoog dat het verzoek tot beëindiging van vervolging niet zodanig complex was dat toevoeging van een advocaat noodzakelijk was.
Appellant voerde aan dat juridische kennis vereist is voor het indienen en verdedigen van het verzoek, maar slaagde er niet in concrete feiten aan te dragen die het tegendeel bewezen. Ook het beroep op artikel 6 EVRM Pro faalde omdat er voldoende alternatieven voor juridische bijstand beschikbaar waren.
De Afdeling concludeerde dat de raad in redelijkheid tot zijn oordeel kon komen en dat de afwijzing niet in strijd was met het recht op een eerlijk proces. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de afwijzing van de toevoeging voor rechtsbijstand bevestigd.