ECLI:NL:RVS:2013:CA1296
Raad van State
- Hoger beroep
- N. Verheij
- J.E. Engelhart
- Rechtspraak.nl
Vernietiging inreisverbod wegens onvoldoende motivering en toewijzing hoger beroep
De minister heeft op 26 januari 2012 een aanvraag van de vreemdeling om een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd afgewezen en een inreisverbod van twee jaar opgelegd. De vreemdeling stelde hiertegen beroep in bij de voorzieningenrechter, die het beroep ongegrond verklaarde. De vreemdeling ging in hoger beroep bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
De Afdeling oordeelt dat de motivering van de duur van het inreisverbod onvoldoende is en vernietigt het besluit voor zover het inreisverbod betreft. Het hoger beroep wordt gegrond verklaard en het beroep tegen het inreisverbod wordt alsnog toegewezen. Voor het overige wordt de uitspraak van de voorzieningenrechter bevestigd.
Daarnaast wordt de staatssecretaris van Veiligheid en Justitie veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten aan de vreemdeling, ter hoogte van €1.416,00, toe te rekenen aan door een derde beroepsmatig verleende rechtsbijstand.
Uitkomst: Het inreisverbod wordt vernietigd en het hoger beroep wordt gegrond verklaard.