ECLI:NL:RVS:2013:BZ9718
Raad van State
- Hoger beroep
- H.G. Lubberdink
- A.W.M. Bijloos
- N. Verheij
- Rechtspraak.nl
Vernietiging uitspraak rechtbank inzake terugkeerbesluit vreemdeling en terugwijzing zaak
De vreemdeling had een aanvraag voor een verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd onder de beperking 'arbeid als zelfstandige' ingediend, die bij besluit van 12 september 2005 werd afgewezen. Hiertegen werd bezwaar gemaakt dat bij besluit van 8 mei 2007 ongegrond werd verklaard. Dit besluit bevatte geen nieuw terugkeerbesluit, maar handhaafde het eerdere terugkeerbesluit van 12 september 2005.
De vreemdeling werd in 2006 uitgezet naar Turkije en kwam daarna opnieuw naar Nederland. Bij besluit van 14 juli 2012 werd hem opgedragen de Europese Unie onmiddellijk te verlaten en werd een inreisverbod uitgevaardigd. De rechtbank verklaarde het beroep tegen het terugkeerbesluit niet-ontvankelijk en het beroep tegen het inreisverbod gegrond.
De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelt dat de rechtbank ten onrechte het beroep tegen het terugkeerbesluit niet-ontvankelijk heeft verklaard omdat het eerdere terugkeerbesluit van 12 september 2005 nog rechtsgevolg had en het besluit van 8 mei 2007 geen nieuw terugkeerbesluit vormde. Daarom wordt de uitspraak van de rechtbank vernietigd en wordt de zaak terugverwezen voor inhoudelijke behandeling. Tevens worden de proceskosten vastgesteld.
Uitkomst: De uitspraak van de rechtbank wordt vernietigd en de zaak wordt terugverwezen voor inhoudelijke behandeling.