ECLI:NL:RVS:2013:BZ8730
Raad van State
- Hoger beroep
- H.G. Lubberdink
- A.B.M. Hent
- N. Verheij
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep tegen toekenning schadevergoeding na intrekking terugkeerbesluit vreemdeling
De vreemdeling werd op 10 december 2012 in vreemdelingenbewaring gesteld en kreeg een terugkeerbesluit opgelegd om de Europese Unie onmiddellijk te verlaten. De bewaring werd op 18 december 2012 opgeheven en de vreemdeling werd naar België uitgezet. Het terugkeerbesluit werd op 20 december 2012 ingetrokken. De vreemdeling trok daarop het beroep tegen de maatregel van bewaring in en verzocht om schadevergoeding en proceskosten.
De rechtbank had het beroep gegrond verklaard en schadevergoeding toegekend, maar de staatssecretaris ging in hoger beroep. De Afdeling bestuursrechtspraak overwoog dat door de intrekking van het beroep de rechtmatigheid van de maatregel niet meer ter toetsing lag. Tevens stelde de Afdeling dat de intrekking van het terugkeerbesluit niet betekent dat de staatssecretaris de vreemdeling is tegemoetgekomen, omdat de vreemdeling al was uitgezet en de terugkeerverplichting daarmee verviel.
De Afdeling vernietigde daarom de uitspraak van de rechtbank en wees het verzoek om schadevergoeding en proceskosten af. Het hoger beroep van de staatssecretaris werd gegrond verklaard.
Uitkomst: Het verzoek om schadevergoeding en proceskosten wordt afgewezen en de uitspraak van de rechtbank wordt vernietigd.