ECLI:NL:RVS:2013:BZ8678
Raad van State
- Hoger beroep
- M.G.J. Parkins-de Vin
- C.J. Borman
- E. Steendijk
- Rechtspraak.nl
Vaststelling ongeloofwaardigheid asielrelaas en afwijzing verblijfsvergunning
De minister heeft op 20 oktober 2011 een aanvraag van de vreemdeling om een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd afgewezen. De voorzieningenrechter van de rechtbank 's-Gravenhage verklaarde het beroep van de vreemdeling gegrond en vernietigde het besluit, waarna de minister hoger beroep instelde bij de Raad van State.
De Raad van State beoordeelde of de voorzieningenrechter het oordeel van de minister over de geloofwaardigheid van het asielrelaas terecht had getoetst. De minister had het asielrelaas als ongeloofwaardig beoordeeld vanwege tegenstrijdige en summiere verklaringen over het huwelijk van de vreemdeling en de gestelde verkrachtingen.
Hoewel de voorzieningenrechter oordeelde dat de minister onvoldoende had gemotiveerd waarom hij het asielrelaas niet geloofde, stelde de Raad van State dat de minister zich op redelijke gronden op het standpunt kon stellen dat het relaas onvoldoende positieve overtuigingskracht had. De Raad vernietigde daarom het vonnis van de voorzieningenrechter en verklaarde het beroep van de vreemdeling ongegrond.
Uitkomst: Het beroep van de vreemdeling tegen de afwijzing van haar verblijfsvergunning wordt ongegrond verklaard.