ECLI:NL:RVS:2013:BZ4945
Raad van State
- Hoger beroep
- C.H.M. van Altena
- P.B.M.J. van der Beek-Gillessen
- J.C. Kranenburg
- Rechtspraak.nl
Verzoek om vergoeding planschade door wijziging bestemmingsplan Kom Zenderen afgewezen
Appellant verzocht om vergoeding van planschade als gevolg van het bestemmingsplan 'Kom Zenderen' dat de realisatie van een rotonde nabij zijn woning mogelijk maakte. Het college wees dit verzoek af, waarna appellant bezwaar maakte en vervolgens beroep instelde bij de rechtbank. De rechtbank verklaarde het beroep gegrond en vernietigde het besluit van het college.
De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State behandelde het hoger beroep van beide partijen. Uit deskundigenonderzoek bleek dat het nieuwe bestemmingsplan weliswaar een planologische verslechtering veroorzaakte door toename van geluidoverlast en aantasting van de situeringswaarde, maar dat deze schade niet toerekenbaar was aan het nieuwe bestemmingsplan omdat onder het oude regime vergelijkbare gebruiksmogelijkheden bestonden.
De Afdeling oordeelde dat het college terecht had vastgesteld dat de gronden onder het oude planologische regime al voor verkeersverhardingen gebruikt mochten worden en dat de bebouwingsmogelijkheden niet wezenlijk waren verslechterd. Diverse beroepsgronden van appellant faalden, waaronder die over bestemmingen en bouwmogelijkheden. Het hoger beroep van appellant werd ongegrond verklaard, dat van het college gegrond, en eerdere uitspraken vernietigd. Het beroep werd uiteindelijk ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep van appellant wordt ongegrond verklaard en het besluit van het college bevestigd.