Uitspraak
200203644/1), voorop dat de beoogde bouwwerken in beginsel, gelet op de rechtszekerheid, als zodanig dienen te worden bestemd. Dit uitgangspunt kan onder meer uitzondering vinden indien een dienovereenkomstige bestemming op basis van nieuwe inzichten niet langer in overeenstemming is met een goede ruimtelijke ordening en het belang bij de beoogde nieuwe bestemming zwaarder weegt dan de gevestigde rechten en belangen. De raad heeft niet, althans onvoldoende, aannemelijk gemaakt dat het als zodanig bestemmen van de vergunde garageboxen niet in overeenstemming zou zijn met een goede ruimtelijke ordening en waarom de rechten van de stichting niet kunnen worden gerespecteerd. Dat de stichting de vergunningen sinds 2009 niet heeft benut, is hiertoe onvoldoende. Voorts is niet, althans onvoldoende, aannemelijk gemaakt dat het evident is dat de openbaarheid van de gronden als bedoeld in de Wegenwet aan de verwezenlijking van de garageboxen in de weg staat.