ECLI:NL:RVS:2013:BZ1336
Raad van State
- Hoger beroep
- H.G. Lubberdink
- A.B.M. Hent
- N. Verheij
- Rechtspraak.nl
Onrechtmatige hernieuwde vreemdelingenbewaring na strafrechtelijke detentie
De vreemdeling werd op 30 mei 2012 in bewaring gesteld en na een strafrechtelijke detentie van twee dagen opnieuw in bewaring genomen op 28 november 2012. Hij stelde dat de hernieuwde bewaring onrechtmatig was en dat de staatssecretaris geen verzwaarde belangenafweging had gemaakt.
De rechtbank had het beroep ongegrond verklaard, maar de Raad van State oordeelde dat de hernieuwde bewaring onrechtmatig was omdat de staatssecretaris niet voldeed aan de verplichting tot een verzwaarde belangenafweging, terwijl de totale detentieperiode langer was dan zes maanden.
De Raad van State vernietigde het vonnis van de rechtbank, verklaarde het hoger beroep gegrond, en bepaalde dat de vrijheidsontnemende maatregel per direct wordt opgeheven. Tevens werd een schadevergoeding toegekend en de staatssecretaris veroordeeld tot proceskostenvergoeding.
Uitkomst: De hernieuwde maatregel van vreemdelingenbewaring is onrechtmatig verklaard en per direct opgeheven met toekenning van schadevergoeding.