Uitspraak
201101945/1/V6), is het aan de staatssecretaris om te oordelen of de identiteit met behulp van de overgelegde stukken is komen vast te staan. Ingevolge artikel 31, vijfde lid, van het Besluit kan de staatssecretaris nationaliteit- en identiteitvaststellende documenten verlangen. De staatssecretaris is wegens de aan het verlenen van het Nederlanderschap verbonden gevolgen bevoegd op de daartoe geëigende wijze bewijs te verlangen van de ingevolge artikel 31, eerste lid, van het Besluit bij een naturalisatieverzoek te verstrekken gegevens. Uit de Handleiding volgt dat de staatssecretaris van een verzoeker verlangt een geboorteakte en een paspoort over te leggen teneinde zijn identiteit en nationaliteit aan te tonen en uit de Handleiding blijkt voorts in welke situaties een verzoeker deze documenten niet hoeft over te leggen. Gelet hierop heeft de rechtbank terecht geoordeeld dat de door [appellante] overgelegde stukken, te weten een nationaliteitsverklaring en een Iraakse identiteitskaart, niet volstaan.